Rouw

  • Trouwe viervoeter

    Print

    Trouwe vriend
    Dappere krijger
    Mijn grillen om het even
    Je laat me steeds leven

    Maar jongen toch
    Blaf nog één keer
    Zucht en grom nog even
    Hoe moet ik zonder je leven?

    Rustig nu maar
    Het is zo voorbij
    Het prikt maar heel even
    Tot in ons volgende leven

    RG

  • Je was dood, toch leefde je

    Print

     Ik heb je al eens zien sterven

     

    Niet meer, nooit meer

    Kan het niet nog eens aan

     

    Je was dood, toch leefde je

     

    Mijn hart, mijn verstand

    Opponenten in een verloren oorlog

    Onwinbaar, voor beiden, verschrikkelijk

    Beiden haast alles verloren

     

    Nu, jaren later

    Zijn ze er nog

    Vechtend en moordend

     

    Maar het doet me niets meer

    Emoties zijn weggeëbd door de tijd

    Dus helemaal niets meer

     

    Toch heel soms

    Meer dan ik wil

    Doet het pijn

     

     

    RG

  • Wit

    Print

    Duizenden

     

    Honderdduizenden zerkjes

    Gekruisigde kruisen

    Wit

     

    Toekomst

    Verloren

    Heden

    Niet gezien

     

    Stil

    Oneindig

    Kil

    Verdriet

     

    Troost

    Hier is het

    Allesomvattend

    Wit

     

    Voor de slachtoffers van WO I

     

    RG

  • Trots is onmacht

    Print

     Trots is onmacht

     

    En onmacht brengt razernij

    Geilheid barst uit

    Kapotmakerij in het echt

     

    Dood en moord gewoon

    Dagdagelijks

    Het achterlijk gejank

    Gewoon

     

    Tijd raast door

    Dood, zwart, stervend

    Alles

    En helemaal niets

     

     

    RG

  • Voor jou jongen

    Print

    Soms komt het zo dicht, te dicht!

    Hou vol jongen! Denk aan je!!

     

    Voor jou jongen

    Is dit het nu, de onvermijdelijke dag, waar we zo tegen vochten. Hij zegt dat hij bang is, en het is verdomme een kind man. God, Godverdomme! Een kind!

    Ik schreeuw dat ik met hem wil wisselen, maar die kracht heb ik niet! Ik ben hem niet! Ik kijk met lede ogen, zijn lege ogen aan. Alles en alle leven haast verdwenen, kleine man met heldenmoed ziet af. Hij kijkt naar mij, en ik krimp meer letterlijk dan figuurlijk, maar zeker. Machteloosheid wurgt me stilaan dood, terwijl het hij is die zijn laatste adem aan het slaken is.

    Kleine man, zoveel meer meneer dan mij!  Jongen wat was, ben je, zo anders! Kanjer van een hart, dat niet meer kloppen kan. En wij, staan aan de zijlijn van verdriet. Maar het is lachen wat je wil, al was het deze laatste keer. Probleem is grappentrommel is leeg, mijn grappen zijn niet meer.

    Maar jongen toch, kanjer en grote meneer! Sterke bink, ik ga je zo missen man. Wat moet ik nou, zie ons nou. Er is niemand, niemand meer die helpen kan! Niet jou, niet mij, niet ons, niemand meer.

    Grote meneer, kanjer, sloeber voor het laatst neem ik je hand, hoe kil ze ook is. Ik zeg geen vaarwel, dat kan ik niet. Pijn snijdt, weet je?!  Het brandt! Tranen, maar ik wil niet, kan niet, ik moet!!  Sterk zijn!!

    Jij kind, ik meneer!  Ik meneer, jij gewoon jij! Ik zwak en jij:

     

    Kleine man, stoere bink, kanjer, sloeber, jongen, …

    Grote, grote meneer!!!

     

    Wat er ook komt, niet bang zijn jongen! Niet bang zijn...

    RG

  • Olifanten in Hasselt

    Print

    Mijn favoriet!

    WP_000367.jpg

    WP_000369.jpg

    WP_000370.jpg

    Gedicht over dit thema =>

    http://roygevan.skynetblogs.be/archive/2011/12/30/rookpluimen-van-verdriet.html

  • Bompa

    Print

    Ik zag een filmpje, het was reclame. Een postbode stuurde een brief, van een klein jongetje, aan een touwtje naar de hemel. Het is zo lang geleden, en nu sturen we het per mail, naar iedereen, zodat iedereen het verder kan sturen.

    Ik ben ouder nu, getrouwd, gelukkig! Overgelukkig en bang! Bang om dit alles te verliezen.

    Altijd kwam ik naar je toe, als ik bang was. Je hebt (had) zo’n rustgevende stem, zo’n wijze raad.  Alles is zo vergankelijk zie je. Ik wil zo graag zo veel, maar vooral dat mensen rond mij gelukkig zijn. Ik weet niet of je het merkte toen, maar wat was iedereen rond jou gelukkig! Zelfs als ze ongelukkig waren!

    Misschien kan je me vertellen hoe het bij jou is, hoe het ginder is? Misschien brengt dat wat rust?

    Ik vraag me af of jij ook altijd zo moest hollen, achter je geluk aan, achter het geluk van anderen. Vond je de druk soms niet te zwaar? Wat deed je dan? Had ik het je toen maar gevraagd, daar op het terras, schuilend voor de veel te warme” juli zon”. Eén werden er twee, twee en meerderen. Betalen, dat mocht ik niet! Niet voor de drank en al helemaal niet voor je goede raad.

    Maar ik beloof je, als ik langst kom, dan zal je fier kunnen zijn!

     

    En de volgende, de volgende betaal ik. Enkel de drank dan!

     

    Je kleinzoon

     

    RG